Fonkelig.nl - Sigrid schrijft

30-12-2016

Ik weet 't, ik weet 't: ik heb écht al lang niets geschreven. Maar ik ga niet zeggen dat ik ga stoppen met bloggen, want ik denk niet dat het nemen van zulke rigoureuze beslissingen iets voor mij is. Laten we zeggen: iets met een lager pitje. Ik vermoed dat er af en toe best vlagen van inspiratie zullen zijn, of dat ik nodig mijn zegje ergens over moet of wil doen. Als je me mist of gewoon wilt weten hoe het met het leven staat, dan kun je me volgen op Instagram, daar post ik vaker iets.
Bovendien vind ik de blogwereld veel te leuk en gezellig om helemaal geen deel meer van uit te maken. Ik maak nog altijd elke dag een leesrondje (voor zover de tijd het toelaat, maar goed: op de wc kun je ook blogs lezen...). 
Ik vond wel dat ik 2016 moet afsluiten met een stukje. Dat doe ik immers elk jaar, al tien jaar (als het niet langer is...) en dus vandaag ook. Dus daarom vandaag: 2016 in een notendop.


Leukste moment
F. vindt dit nooit zo leuk, maar ik houd er van om als we 's avonds in bed leggen vragen te stellen als: 'Wat vond je het leukst van vandaag?' Gister vroeg ik hem wat hij het leukst vond aan 2016. Ik weet wel wat ik het leukst vond, dat vond ik alle avonturen die we hebben beleefd met A. erbij. Ik had nooit durven dromen dat dat zo gemakkelijk zou gaan, op reis met een baby, en eerlijk gezegd kostte het me vooraf ook best wat stress. Al met al viel het best mee, hoeveel extra spullen we meenamen, maar ik wilde echt niet op de plek van bestemming aankomen zonder reservespenen, warme en minder warme slaapzak, badolie, tig soorten zalven en babyparacetamol. Toch ging het allemaal heel goed: in januari gingen we een week naar Terschelling. A. was toen 9 weken oud. In de zomer gingen we naar Frankrijk: 1200 kilometer met een levendig jongetje in de maxi-cosi. Ging óók goed. En in oktober vlogen we voor het eerst met hem, naar Zweden. Het leukst aan al deze vakanties was niet eens de vakantie zelf, maar dat we iets leuks gingen doen met z'n drieën en dat dat voor ons alledrie leuk was. Heel spannend, avonturen beleven als gezinnetje! 

Overigens lijkt het nu misschien allemaal rozengeur en maneschijn maar  tijdens die vakanties waren er best lastige momenten: op weg naar Frankrijk weigerde A. bijvoorbeeld te drinken, waardoor ik dit keer kolvend (echt waar) de grens overgegaan ben. En in het vliegtuig uit Zweden terug naar Nederland was hij het laatste stukje (lunchtijd...) alleen zoet te houden met heel veel veel rijstwafels met pindakaas. Tot grote vreugd van F., want die had de pindakaas intussen ook overal zitten.

Trots
Dit jaar was ik ook best een beetje trots op mezelf. Het combineren van werk+baby ging meestal goed, al vond ik dat écht wel heel lastig. Het kolven (breek me de bek niet open!), 's ochtends weggaan als A. nog niet wakker was ('Nu heb ik 'm helemaal niet meer gezien!') en natuurlijk accepteren dat dingen bij de opvang wel eens anders gaan dan thuis. De keerzijde is natuurlijk dat ik het heel leuk vind om andere dingen te doen dan moederen. Ik kan zo trots en blij zijn als ik op mijn werk iets doe waar ik blij van word, en dat gevoel neem ik mee naar huis. De combinatie van 3 dagen werken en 4 dagen thuis is nu A. nog klein is echt heel erg fijn. Ik ben blij dat het zo kan. Ook trots: leuk werk. Ik zei vroeger altijd: 'Ik wil later gewoon leuk werk', nou: dat is gelukt. Laatste trots: ik heb 13 maanden borstvoeding gegeven! Dat had ik in januari echt niet gedacht, want toen zat ik nog heel druk te streven naar 3 maanden. Het was niet altijd makkelijk, wel bijna altijd heel gezellig en fijn, en ik zou het zo weer over doen. Nog een trots momentje (ik begin wel een opschepper te worden, maar zo bedoel ik het natuurlijk niet): 2016 was ook het jaar waarin ik een halve marathon liep. Daar had ik het al heel lang over gehad, maar nooit gedaan, en nu wel: in 2 uur en 4 minuten.

Weegschaal
Als ik iets zou moeten kiezen dat het best past bij 2016, dan is het een weegschaal. Het was echt een jongleerjaar, met heel veel schuiven en puzzelen, van prioriteiten en ook van wensen. Het vinden van de balans vond en vind ik het lastigst, eigenlijk altijd al. Zoals veel mensen heb ook ik altijd het gevoel dat er te weinig uren in een dag zitten en te weinig dagen in een week. Dat ik nooit genoeg aandacht aan het een of het ander kan geven. Dan schiet het huishouden er bij in, dan de tuin, de plantjes buiten, mijn vriendinnen, familie, relatie of ikzelf. Er is altijd iets waaraan ik, voor mijn gevoel, te weinig tijd kan besteden. Een les die niet goed is voorbereid omdat A. mijn aandacht nodig had, een week zonder bankhangtijd met F., een vriendin die ik veel te lang niet gesproken heb en er waren ook momenten dat ik dacht: wanneer heb ik nou eigenlijk voor het laatst lekker alleen op de bank gezeten en even niks gedaan? Altijd was er wel weer een wasmand, een hardlooprondje, een mailtje dat beantwoord moest worden... Ik ben er nog niet helemaal uit welke dingen prima zijn om altijd door te gaan en welke dingen soms even moeten en kunnen wachten. Het vinden van de balans tussen werk en privé, tussen mezelf en anderen, dat is denk ik ook mijn grootste uitdaging voor 2017. 

Ik wens jullie allemaal een mooi, liefdevol 2017 met vooral de juiste balans tussen alles :-)!

23-8-2016

Er zijn mensen die bijna met pensioen gaan, maar dat niet kunnen. 'Ik weet echt niet wat ik dan moet gaan doen!'
Er zijn ook mensen die niet te veel vakantie opnemen, 'want ik heb geen idee wat ik met al die tijd moet doen!'
Of mensen die aan het eind van de vakantie zeggen: 'Zo, hèhè, ik ga weer lekker aan de slag, het werd zo saai, die vakantie.'

Er zijn zelfs mensen (en neeikverzinditniet) die in paniek raken van een vrije middag. Zo ging ik eens (een paar jaar geleden) op een groepsreis (fantastisch sociaal experiment overigens, moet je ook eens proberen). Bij die groepsreis hadden we een Maleisische gids die ons iets vertelde over een tempel waar we waren. Op die plek bleven we een paar dagen en dan zouden we verder reizen. En hij zei: 'Goed, ik heb jullie genoeg verteld over de tempel, je kunt nu deze middag lekker de tijd nemen om zelf te bepalen wat je wilt doen.' Vond ik de hemel, want ik bleek toch niet zo geschikt voor het programma van de reis. Maar er waren dus ook mensen die helemaal zenuwachtig werden van zoveel vrijheid. 'Een vrije MID-DAG?! WAT moet ik DOEN?!' Onderwijl paniekerig om zich heen kijkend. 

Nu is het natuurlijk zo dat vakantie alleen maar leuk is omdat je niet altijd vakantie hebt. En dat weekend zo fijn is omdat je doordeweek geen weekend hebt (duh). Maar ik heb dus nóóit dat ik denk: 'O, gelukkig, de vakantie is weer voorbij.' Ik ben (denk ik) gewoon heel goed in vakantie. Ik ben ook heel goed in weekend; gewoon rustig aan doen, weinig doen, soms juist veel doen - ja, kan ik. Behoort tot mijn competenties ;). Lekker lang lummelen in een pyjama, rustig werken in de tuin in plaats van in een verloren uurtje aan het einde van de dag, af en toe naar de stad, films kijken... Minder goed ben ik in wekenlang achter elkaar vroeg opstaan, heel veel verplichtingen hebben en weinig tijd hebben om dingen te doen die Echt Leuk zijn. Kortom: normale werkweken.

Begrijp me niet verkeerd: ik vind werken ook leuk. Het is ook fijn om in een bepaald ritme te zitten, om dingen te doen die je misschien niet zelf had gekozen, omdat je liever lui dan moe bent. En laten we wel wezen: niet iedere dag kan beginnen met een rondje ELLEgirlforum, Instagram, vlogs kijken, pas om 11:00 gaan douchen en 'Oh, de was - die kan morgen ook wel'. Je wilt ook terug kunnen kijken op iets spannends dat je gedaan hebt, iets anders dan wat binnen je comfortzone ligt. En daarvoor is werk heel handig, vind ik. 

Het enige nadeel van dingen 'moeten' (zoals werk, dus) vind ik dat er nog minder tijd over blijft in de week. Net als de rest van de wereld lijd ook ik aan het verschijnsel dat er altijd te weinig uren in een dag zitten en te weinig dagen in een week om alles te kunnen doen wat je zou willen. Met vriendinnen afspreken? Sporten? In de tuin werken? Een boek schrijven? Ook nog op de bank kunnen zitten en tv-programma's kijken? Een keertje vroeg naar bed? Van alle dingen die ik zou willen komt ongeveer de helft terecht. En ik denk dat dat is omdat mijn to-do-list (en ook mijn wensenlijsten) chronisch te lang is. Daardoor blijf ik na een werkdag vaak achter met het gevoel dat het 'niet gelukt' is. Terwijl er natuurlijk heel veel wél gelukt is. En na een lange vakantieperiode heb ik altijd het katerige gevoel van 'We hebben heel veel niet gedaan, en dat is ook niet gelukt...' terwijl we ook veel dingen wél gedaan hebben en al die middagen waarop we niets deden ook heel veel waard waren. 

Dat is dus de keerzijde. Ik kan altijd wel iets verzinnen om te doen. Iets dat ik graag wil (de Menkemaborg! Het Theemuseum! Naar de zee! Naar Duitsland om boodschappen te doen! Naar Dwingeloo! Naar de Lemelerberg! Op bezoek bij een vriendin in haar nieuwe huis! Alleen winkelen! Die 20 films kijken die nog op mijn lijstje staan! - pffff). Het vervelende van die enorme lijst is natuurlijk dat de helft er maar van lukt. 

Het fijne is dat ik nog een heel leven voor me heb. Of nou ja, driekwart ervan dan, als ik erop reken dat ik 100 word ;).
Hoe doen jullie dat, so much to do, so little time?

22-8-2016

Vorig jaar rond deze tijd woog ik zo'n 16 kilo meer dan nu. 
Dat kwam natuurlijk door baby A. (toen op weg naar de 3 kilo), vruchtwater, bloed, een placenta en natuurlijk extra vet. Eenmaal bevallen op 28 oktober voelde ik me gelijk een stuk lichter. Maar mijn buik leek wel een pudding en van buikspieren was echt geen spoor te bekennen. Ik dacht toen even aan Doutzen, die vier weken na de bevalling alweer met een strakke buik in ondergoed en met vleugeltjes op haar rug liep te paraderen op de catwalk. Maar direct daarna dacht ik niet meer aan Doutzen, maar aan baby A., melk, slapen, luiers, boodschappen, groei en hé, was dat nou een lachje?

Na een paar weken begon ik het gevoel te krijgen dat 'Ja, maar hij is nog maar net geboren!' geen geldig excuus meer was op mijn leven even on hold te zetten. Ik kreeg het gevoel dat ik nu ook wel weer eens iets anders moest gaan presteren dan alleen moeder zijn. Sporten, bijvoorbeeld. Maar al die verse kraamvlinders wonnen 't heel gemakkelijk, want ik hield me eigenlijk even nergens mee bezig, en zeker niet met sporten. Op Instagram zag ik wel heel veel mede-oktober/november-mama's beginnen over hun lichaam. En hoe dat zo snel mogelijk weer 'terug in vorm' kon komen. 'Nog 6 kilo, dan zit ik weer op mijn oude gewicht,' schreven ze. Ze maakten schema's, deden oefeningen die ze eerder nooit deden en hielden hun voortgang bij. 

Wat een toewijding!

Ik deed alleen niet mee. En eerlijk gezegd zag ik het allemaal een beetje met lede ogen aan. Niet het sporten, want sporten is gezond en leuk. Maar wel het streven om precies het lichaam terug te krijgen van 'voor de baby'. Toen ik het hier met een vriendin over had, zei zij: 'Ja, jij hebt makkelijk praten, want jouw lichaam ziet er gewoon weer goed uit.' Ik mag hier dus eigenlijk niks over zeggen, maar ik doe het toch.

Ik vind dat alle 'nieuwe lichamen' van moeders óók mooi zijn. En ja: ik zie mijn buikspieren weer. Maar nee: ik heb mijn oude lichaam niet 'terug'. Na de bevalling kreeg ik alsnog striae, niet op mijn buik, maar wel op andere plekken. En het vel in mijn zij is echt niet meer zo strak als het was. En ik heb een moekekuif (:') - de korte haartjes aan je haargrens, door hormonen en door trekken van de baby ;)). Maar ik zou het echt droevig vinden als ik daarmee zou zitten. Ik denk dat vaders en kinderen meer respect hebben voor het lichaam van moeders dan mama's zelf. Dat is toch zonde? Er is een kind in gegroeid, van rijstekorrel tot watermeloen, het kind is er ook nog eens uitgekomen, je hebt het misschien wel gevoed met datzelfde lichaam: er is zoveel mee gebeurd. 

Ik begrijp het natuurlijk wel als je gaat sporten omdat je je weer jezelf wilt voelen, lekker alleen in je eigen lijf. Dat herken ik heel goed. Maar ik vind dat de alles moet weer precies zo zijn als vroeger-trend maar eens afgelopen moet zijn. Die paar tiger stripes of dat buikje-dat-maar-niet-strakker-wil-worden, die zijn prima. No worries. :)

15-8-2016

Zo. F. en ik (en A.!) zijn terug van een fabeltastische vakantie in Bretagne. Blauwe zee, rotsen, stranden, hortensia's, trollendorpjes, heuvels, riviertjes, crêpes: alles. En eigenlijk ging het ook gewoon heel goed, met een 9 maanden oud jongetje erbij. Daarvan wisten F. en ik ook niet wat we konden verwachten. De eerste dagen was hij een beetje van slag ('Blijven we hier?!') maar daarna vond hij het allemaal wel prima. We kregen een routine: 's ochtends een slaapje en wij lekker lezen in de tuin van het huisje, dan lunchen en Ergens Heen. Omdat A. houdt van vroeg lunchen, waren we steeds voor alle Fransen op het strand, waardoor het lekker rustig was. Onderaan deze post wat beeldmateriaal! :)

De weg erheen was vanuit het hoge Noorden 1100 kilometer, verdeeld over twee dagen. De langste afstand die we hiervoor met A. hadden gereden, was ongeveer een tiende daarvan. Wij dachten: komt wel goed. Veel mensen dachten: waar begin je aan. 'Wij gaan gewoon maar naar een bungalowpark in Nederland.' 

Ik begrijp best dat mensen met baby's liever dichterbij willen blijven. En laten we wel wezen: Nederland is eigenlijk heel erg mooi. Maar ik vind het jammer als je je keuzes alleen door je kind laat bepalen; zelf ben je immers ook nog een mens. En F. en ik wilden graag naar Frankrijk. Voor A. maakt het natuurlijk niet uit waar hij is: voor hem is Drenthe net zo leuk als Frankrijk en misschien nog wel leuker, omdat hij daarvoor niet twee dagen in een stoeltje in de auto zou hoeven zitten. Maar F. en ik zijn ook nog mensen en wij willen ook wel eens wat, dus werd het Frankrijk.

En ja: ik was best zenuwachtig voor zo'n lange autorit met A. De dagen voor vertrek was hij tot overmaat van ramp ook nog eens heel chagerijnig en was er geen land met hem te bezeilen. De moed zakte me bijna in de schoenen, maar we gingen natuurlijk toch en het ging goed. Daarom 5 tips voor succesvol (auto)reizen met een baby.

1. STOP
Zonder kind zou ik denk ik ook om de 2 uur wel willen stoppen. Ik moet gewoon vaak plassen! En de auto zit dan niet meer lekker, ik ben moe, droge ogen, honger, moet even naar buiten, bewegen... Met A. stopten we soms wel om de 1,5 uur. Maar als hij sliep, reden we even door. We hebben er twee dagen over gedaan en we stopten dan 2 of 3 keer per dag.

2. Neem van alles mee voor tijdens een stop
We hadden voor A. een speelkleed waarop hij kon spelen bij een tankstation. Lastig, want hij wilde kruipen en het gras naast het kleed was natuurlijk veel interessanter. Alleen lag daar allemaal afval.  Dat is lastig. Neem daarom veel speelgoed mee dat ook zittend kan (als je baby al kan zitten natuurlijk). Omdat we het belangrijk vonden dat hij zijn rug ook kon strekken (en dus ook lag op het kleed), was het fijn dat er veel plekjes waren waar auto's en caravans langsreden. A. vond het namelijk heel leuk om die te bekijken en had dan minder de neiging om het gras op te gaan eten. Ook handig: een plastic zeil voor onder je speelkleed.

3. Neem van alles mee voor in de auto
We hadden ongeveer al A.'s speelgoed meegenomen en daarbij nog wat nieuwe dingetjes in de tas gedaan; dingen die hij nog nooit gezien had. Op lastige momenten (keihard brullen op de ringweg van Caen, bijvoorbeeld), konden we dan iets uit de tas halen dat nieuw voor hem was. Dat hielp (een beetje). Zijn knuffel lag bovenop, zodat we hem die konden geven als zijn oogjes dichtvielen. 

4. Een spiegel om in de maxicosi te kunnen kijken
Aan de rugleuning van de achterbank zit een spiegel, waardoor we A. kunnen zien. Het handige is natuurlijk dat je zo ook een beetje met hem kunt communiceren, omdat je hem aan kunt kijken. Aan het lachen maken of toespreken is dan veel makkelijker. 

5. Verschonen en voeden
De achterbank was de place to be voor voeden en verschonen. Lekker rustig en schoon. Voor een schone luier ga ik echt niet helemaal zo'n babyroom op een tankstation in.

6. LACH
Er waren best wat momenten onderweg dat A. gewoon Geen Zin meer had. En wij ook niet. Wat hielp? Amon vond het woord 'blauw' grappig. Dus maakten we liedjes met kleuren en heel vaak het woord 'blauw'. Dierengeluiden, rare geluiden, rare liedjes... Tussen Groningen en de Bretonse kust is van alles gepasseerd ;).

7. Nachtje onderweg
F. en ik deden de reis in twee dagen en dat was ook wel echt nodig, ik zou het nooit in een keer willen doen. Op de heenweg sliepen we in een B&B in een kasteel. Dat was ideaal, omdat we daar lekker konden eten (we hadden zelf wat pastasalade meegenomen, ook voor A., omdat er geen restaurant in de buurt was). Er werd heel goed voor ons gezorgd: de koelelementen konden best even in de vriezer, de melk mocht in de koelkast, ze hadden wel een perzik voor A. en er stond een kinderbedje klaar. Heel lief allemaal en een fijn rustpunt onderweg! (Hij heeft in drie bedjes geslapen onderweg trouwens, en allemaal waren ze fijn.)

Al met al ging het gewoon heel goed en was het ook nog eens heel leuk om zoiets voor het eerst als Echt en Heus Gezin te kunnen doen. F. en ik voelden ons heel vadertje & moedertje-achtig (in a good way, haha!) Met baby neem je ook een heel rustig ritme aan, waardoor wij ook rustig werden. Je kunt gewoon maar één activiteit per dag doen. En dat haalt je tempo vanzelf wat naar beneden.

29-7-2016

Dit jongetje. Vandaag is hij precies even lang ex als in utero. Het gebeurt zo vaak dat F. en ik elkaar aankijken en zeggen: 'Kun jij nou gelóven dat hij al 9 maanden is?' (Hieronder een foto van mijn buik op zijn dikst (niet zo dik, want ik kon mijn schoenen nog zien ;)) op een herfstige dag eind oktober en van mini, bijna 40 weken (iets meer dan 9 maanden) oud.)




Het is een cliché, maar het is echt waar wat ze zeggen: de tijd gaat nog sneller dan jij mét kind. Je knippert een paar keer met je ogen en dingen als de kraamweek, het eerste badje, de eerste keer buiten wandelen lijken al lichtjaren geleden en tegelijkertijd staan ze je nog haarscherp voor de geest. 39 weken en 3 dagen geleden werd hij geboren, nadat ik minder dan 39 weken en 3 dagen aan het idee had kunnen wennen dat hij er zou komen. Soms vind ik een foto op mijn telefoon van een echo. Of een lijstje met namen, uit een periode waarin ik nog geen idee had wat het allemaal in zou houden, dat hele ouderschap. Herinneringen uit een ander leven, toen ik nog naar de stad kon fietsen op elk moment als ik er zin in had, 's avonds iets meer dan één bladzijde las en niet standaard ergens tussen 2 en 4 een keer wakker was. Soms mis ik dat leven, maar hem ervoor inruilen zou ik niet doen hoor ;).

Toen verwachtte ik er van alles van, maar eigenlijk voel ik dat nog steeds zo. Als ik naar hem kijk, zie ik één grote kindersurprise (ha-ha), het is zo'n verrassing, zo'n kind. Er ligt al van alles in besloten, van talenten tot uiterlijke kenmerken, zijn uiteindelijke haarkleur, zijn lengte, hoe goed hij kan hardlopen of juist kan verspringen (of geen van beide) en al die dingen mogen we nog gaan ontdekken de komende jaren. 

Elke week vang je een glimp meer op van de hele persoonlijkheid die hij ooit zal worden. Tot nu toe is dat iemand die bijna altijd vrolijk is, maar boos wordt als je zijn bord afwast (ik ga ervan uit dat hij dat later in een restaurant niet meer zal doen ;). Iemand die houdt van koude tomaten, anders dan zijn moeder. En die het liefst op zijn zij slaapt. 

Ik zeg nog heel vaak tegen F.: 'Hij is gewoon van óns!' Of: 'Hoe kunnen wij nou zo'n leuk/lief/schattig/knap jongetje hebben?' Maar goed. Eerlijk is eerlijk: er zijn ook genoeg momenten waarop ik hem wel achter het behang kan plakken. Bijvoorbeeld als hij expres zijn mond dichtdoet als ik er vitaminedrupjes in wil doen. Of als hij maar blijft draaien en zijn luier daardoor helemaal verkeerd zit. Als hij mijn haar in een deadgrip heeft en niet loslaat. Zijn vingers in mijn ogen probeert te steken. Midden in de nacht klaarwakker is. Het badwater over me heen spettert. Ervoor zorgt dat we overal groenteresten terugvinden :'). Of als ik Nu Eindelijk Wel Eens Wat Tijd Voor Mezelf Wil maar het niet lukt.

Maar ja. Dat heb je er allemaal voor over, hè. Al 39 weken en 3 dagen lang. <3

12-6-2016

Vorig jaar rond deze tijd was ik aan het afstuderen bij de lerarenopleiding. Ik schreef héél veel verslagen, over mezelf, over de klas, over lesgeven, over het vak Nederlands en natuurlijk over competenties. Com-pe-ten-ties. Uiteindelijk kon ik het woord niet meer horen, maar goed. Heel belangrijk natuurlijk, die competenties. Oftewel: wat je kunt. Tegenwoordig vindt niemand het meer interessant wat ik kan, maar gaat het er vooral over wat 't Aapje kan. 

'Slaapt hij al door?' 'Kan hij al zitten?' 'Kan hij al rollen?' 'Kan hij al lachen?' 'Kan hij al met *vul random speelgoed in* spelen?'
In het begin werd ik er heel onzeker van. Vooral omdat de eerste vraag, na 'Hoe gaat het?' altijd was: 'Slaapt hij al door?' (Oftewel: heb je niet te veel last van hem en kun je je leven nog gewoon zo invullen als voordat hij er was namelijk (blijkbaar) met heel veel slaap?) Nu moeten jullie weten: hij slaapt niet door. Sinds 28 oktober 2015 heb ik welgeteld twee nachten meegemaakt waarin ik in blokjes langer dan 5 uur (namelijk 7 uur!) heb geslapen. Maar dat was een vergissing van A.'s kant, want hij was vergeten zijn wekkertje te zetten (denk ik), want daarna is het nooit meer voorgekomen. En eerlijk: ik vind het niet erg.  

Terug naar m'n verhaal. Altijd als iemand dat vraagt denk ik: Maar er is nog zoveel méér over hem te vertellen dan alleen of hij doorslaapt! Zoals bijvoorbeeld dat hij eigenlijk elke ochtend vrolijk is en met een lach wakker wordt. Dat hij gaat schateren van wilde spelletjes (nee, niet vliegtuigje, eerder losgeslagen stuntvliegtuig). Of dat hij helemaal wild wordt als hij zijn badje ziet. Dat hij ons altijd héél indringend aankijkt met zijn blauwe ogen. Of dat hij 's nachts muziek maakt door met zijn speen langs de spijlen van het bedje te roetsjen (...). 

Dat zijn de dingen die A. zichzelf maken. Niet zijn competenties als baby (haha!), niet alle zinnen met het woordje 'al' erin. En toch waren er nog best wat momenten dat ik me onzeker voelde. Bijvoorbeeld toen er baby's van A.'s leeftijd al gingen rollen, kruipen en staan (!), terwijl dit Aapje nog lekker op zijn rug lag te chillen op een kleed. Of toen hij bij het cb zó onder de indruk was van een arts dat hij, in plaats van wild te bewegen zoals hij altijd doet (...) roerloos op zijn rug ging liggen en apathisch naar een mobile ging staren. 'Ehm... zo doet hij normaal niet,' zei ik. En A. liet wat kunstjes zien en werd goedgekeurd.

Eigenlijk realiseerde ik me pas een tijdje geleden dat ik me onzeker voelde, omdat ik zelf altijd op zoek ben naar wat ik kan. 'Ik kan, dus ik ben', is het een beetje voor mij. Heel lang heb ik gevoeld en gedacht dat ik altijd iets moest presteren, iets nieuws moest doen, alleen om het waard te zijn. Een paar jaar geleden volgde ik een keer een yogales en de juf zei: 'Je hoeft niets te presteren, het is goed en genoeg dat je er bent.' 

Er Zijn Is Genoeg. Hoewel ik altijd een bezig bijtje zal blijven en het ook leuk vind om steeds iets nieuws te doen en op me te nemen, iets te bereiken, probeer ik dat wel vaker tegen mezelf te zeggen. Ik kan dingen dóen, maar het hoeft niet per se. Ik ben zo ook goed. Want ik wil niet dat A. zich later onzeker gaat voelen, alleen omdat hij nog niet kan fietsen zonder zijwieltjes. Nog geen handstand kan. Of nog niet kan lezen in het hoogste niveau. Nog niet met de grote jongens mee kan doen. Of nog geen idee over zijn studiekeuze heeft. 

Blegh, competenties.

23-5-2016

Voor mijn verjaardag kreeg ik een tuin. Een moestuin, wel te verstaan. Ik had namelijk gezegd: 'Het lijkt me zo leuk als we groenten voor A. uit de tuin kunnen halen!' Ik zag het natuurlijk al helemaal voor me. Hoe het elke dag mooi weer zou zijn. A. zou met zijn mollige handjes in de aarde wroetten. Onkruid zou niet meer bestaan en ik zou, terwijl ik in de schommelstoel zat, toekijken hoe mijn kroost het Echte Eten Vers Uit De Tuin ontdekte. 
En ik zou geen kotsvlekken meer op mijn kleren hebben.
En natuurlijk perfect haar en altijd op tijd gedoucht en uitgeslapen en niet zoals vandaag even gauw tussendoor toen A. de strijd met zijn knuffels en de slaap eindelijk op had gegeven ;).
Nooit meer.

De realiteit is natuurlijk dat het de helft van de tijd regent, het 's avonds te koud is om nog buiten te zitten en dat A. de laatste dagen vooral met groenten op het blad van zijn kinderstoel slaat, maar het moet gezegd worden: onze tuin doet het. Bewijs: 

Want het is natuurlijk zo dat het met een tuin 1) niet zo is dat je er batterijen in kunt stoppen en voilà en 2) dat je er werk in moet steken en tijd aan moet besteden. En ik ben liever lui dan moe. Zoals iedereen, denk ik. Vrees ik. Hoop ik ook wel een beetje. Ik zit liever op de bank of in mijn schommelstoel (hehe) dan dat ik ga schoffelen in de tuin. Ik hoop maar dat dat normaal is :').

F. gaf mij dus zo'n bak voor mijn verjaardag en ik moet zeggen: hij ging er enthousiast mee aan de gang terwijl ik ernaar keek (moet ook gebeuren). Maar het werd dus steeds leuker. Er kwamen plantjes op! Gewoon, écht! Helaas werden ze na een paar dagen opgevroten door slakken die ik nooit heb kunnen localiseren, maar weg was het wel. Hele planten gewoon, wég. We wogen onze mogelijkheden af. Het plaatsen van een camera leek ons niet echt effectief en we wilden ook niet naast de bak gaan slapen om de slak in z'n slijmerige kladden (iew) te grijpen. Dus gingen we over op rigoureuze maatregelen: Escargo

Een prijs voor de man die deze naam bedacht heeft, mensen.

F. nam het pak Escargo ter hand en alsof het hagelslag op een cake was strooide hij het in de rondte. Als we naar de tuin keken dachten we: 'Zo hé, wat zijn dat allemaal voor groene dingetjes? PLANTJES? O nee, Escargo.' Maar het werkt dus wel en nog steeds: onze planten blijven leven en de slakken niet. Denk ik.

Intussen hebben we een rucola-invasie overleefd ('Nog meer rucola?' - 'Wanneer stopt de rucola?!'), hele mooie (wat zeg ik, perfecte) kropjes sla geoogst en van alles gezaaid. Nu breekt alleen het hoofdstuk 'onkruid' aan, maar goed. Vandaag regent het, dus we gaan het er nu niet uithalen. 

Van tevoren was ik heel bang dat onze moestuin een grote nachtmerrie zou worden. Het was zelfs zo erg dat ik bij voorbaat al tegen F. zei: 'Als het niet lukt, dan maken we er wel een zandbak van voor A.' (Perfecte oplossing, al zeg ik het zelf.) Maar dat is het dus vooralsnog niet en er groeit ook van alles! En dat met een luie plantenmoeder als ik. Gelukkig is de vader van de planten (dit klinkt echt patheticik weet het) heel toegewijd: elke avond gaat F. even naar buiten, soms met A. en dan vlecht hij de sprietjes van de bonen door het net heen. 

Ja, lief hè.

Daarom voor jullie een paar tips om van je bak geen zandbak te hoeven maken.
1. Neem F. in huis want die zorgt heel goed voor plantjes. (Nee sorry, die blijft bij mij.)
1. Neem goede grond, dus niet de goedkoopste zak van het tuincentrum. Je moet een goede mix hebben van grond, met turf en compost. (Goedkope grond kopen is heel verleidelijk want wij denken ook altijd: 'Ach, grond is grond, wat maakt het uit...'). Het is fijn als je goede grond hebt want dan hoef je het niet steeds te vervangen. Een beetje tuindiva houdt natuurlijk niet van te veel spitten en gedoe ;). En het blijft ook mooi luchtig waardoor de plantjes goed groeien.
2. LIEFDE!!! Als het koud is moet je een plastic bakje van nootjes ofzo over je tere plantjes heen zetten. F. en ik waren eerst heel hard tegen onze planten ('Het is een plant.') maar toen ze hun kopjes lieten hangen vonden we het toch zielig en hebben we ze toegedekt als het nodig was.
3. Maak er een ritueeltje van. In alle eerlijkheid kan ik hier dus niet zo over meepraten als F., want die is écht toegewijd en zit elke dag bij de bak te turen, maar waar is het wel: elke dag eventjes kijken. Beetje knippen, plantjes helpen en water geven als het nodig is.
4. Zet er dingen in die snel iets doen. Dat is namelijk heel erg leuk en dan krijg je er echt zin in. Als je gelijk courgettes wilt gaan planten enzo, moet je heel lang wachten en veel geduld hebben. Maar als je gewoon kleine kropjes sla sla zaait of rucola, dan heb je binnen de kortste keren wat op je bord. En radijsjes! Die van de supermarkt zijn echt niet lekker, die uit de tuin wél. En ze groeien lekker snel!
5. Je kunt dure zaden kopen, maar je kunt ook best die potjes van AH gebruiken. Ik zou alleen niet in dat bakje zaaien want dat hebben wij met de broccoli gedaan en die is totaal misvormd :'). Je kunt de zaden wel in een gewone pot/bak zetten, dan heb je er ook echt iets aan.

Hebben jullie nog goede tuintips? 
(Niet te exotisch graag, het is F. nu naar zijn bol gestegen en in de keuken staat nu al heel lang 'een watermeloenplant'. Ik zie het uiteraard al voor me, hoe we straks als het juli is ineens (!) een tropisch paradijs in de tuin hebben met ananasbomen en palmen, en daar in het midden, voilà: een watermeloenplant. Maar goed, misschien is het een experiment ;).

25-4-2016

Sorry jongens, mijn leven was blijkbaar even zó spannend dat ik werkelijk waar geen tijd had om een stukje te schrijven. 
(Eigenlijk was dat niet zo, maar het klinkt beter dan zeggen dat ik gewoon even een writers block en niets te vertellen had.) 
Het is wel duidelijk: een gedisciplineerde blogger die steeds een stukje online zet op gezette tijden ben ik niet. Er komen bij mij altijd onverwachte dingen tussen, bijvoorbeeld: ik plan dat ik een stukje ga schrijven, maar uiteindelijk ben ik heel moe en wil ik op de bank liggen omdat ik met F. en A. een wandeling in de sneeuw (?) gemaakt heb en verkleumd ben (?) in april (?). Zoiets dus. 

Maar ja. Daarnaast gaat alles dus prima.

In de tussentijd hebben we zonder stroom gezeten. Het was werkelijk fantastisch (not), vooral dat ik moest douchen met koud water (doorzettingsvermogen kweken) en nog meer dat het uiteindelijk kwam door het koffiezetapparaat dat kortsluiting maakte. Verder heb ik voor mijn verjaardag (van mijn verjaardagscentjes) Vanillary van Lush gekocht. Zo'n lekker geurtje, maar ik ben allergisch voor Lush-geurtjes (hallo uitslag, hallo jeuk) waardoor ik het alleen in mijn haar kan spuiten. Fijn. Waar ik trots op ben: F. en ik hebben eindelijk de geest, de energie, de disclipline (daar is 'ie weer) en het doorzettingsvermogen gevonden om de zolder op te  ruimen. Halleluja. Nu zitten alle te kleine babykleertjes (snif) veilig in een doorzichtige Samla-doos (wie kent ze niet) van Ikea. Ik heb 7,5 kilomter hardgelopen! Dat moet ook wel, want over drie weken word ik verwacht aan de start van een 10-kilometerwedstrijd (ja ja, overal rondgebazuind enzo, en nu moet ik wel...).

Ook heb ik hard gewerkt en besloten dat baby A. nog een dag naar de opvang gaat, zodat 1) ik rustig kan werken en 2) we samen iets leuks kunnen doen op de twee (!!!) dagen die ik nu vrij heb in de week. Het resultaat van freelancen + baby was bij mij namelijk: hard door het huis rennen en elk vrije moment achter de laptop zitten en balen als 't niet lukte. Niet leuk, want zo had ik elke dag het gevoel van een to do list waar niets vanaf gegaan was. Respect voor mama's die wél thuis kunnen werken mét kind!

Maar deze week heb ik vakantie. Ik heb wat dat betekent met A. besproken en hij begrijpt het al goed: uitslapen tot 9.15 bijvoorbeeld. Wel met hem bij ons in bed vanaf 7.00 natuurlijk, maar daar klaag ik natuurlijk niet over <3.

5-4-2016
27!

Gisteren ben ik 27 geworden. O-M-G. Ik zei laatst nog tegen vriendin N. dat mijn mentale leeftijd (of althans: de leeftijd die ik me voel) is blijven steken bij 22. Ik ben soms een beetje bang dat mijn leeftijd sneller gaat dan ik (daar heb je weer zo'n hersenkronkel...) en dat ik straks als ik 40 ben me nog steeds niet voel alsof ik 40 ben en dat het dan een beetje pathetic wordt. Maar: mogelijk krijg ik tegen die tijd wél een fles wijn mee in de Albert Heijn zonder dat ik mijn legitimatie moet laten zien. 

27 dus. Ik zou me nu bij de club-van-27 kunnen voegen maar omdat ik een zo'n leuk leven heb wou ik dat eigenlijk maar niet doen. Hoewel er zo-veel leuke dingen in mijn leven zijn, zie ik toch altijd nog kans om er een drama van te maken ('Het moet allemaal anders!'), al zijn dat er een stuk minder dan 'vroeger'. (Zie je, dat mag ik nu zeggen nu ik 27 ben.) Ik ben beter geworden in om me heen kijken en tevreden zijn. En ook beter in het bekijken, bewonderen en verwonderen van mensen die een wereldreis gaan maken, een baan-met-heel-veel-reizen ambiëren of iets anders en accepteren dat ik niet zo ben. 

Aan de andere kant: ik beleef kleine avonturen. Vorig jaar zei ik tegen iemand die haar baan opgaf en ging reizen in Scandinavië: 'Wow, wat een avontuur ga jij beleven!' Zij zei tegen mij: 'Ja, maar jouw avontuur is nog veel groter,' (doelend op baby A., toen nog in ontwikkeling.) En dat is ook zo. En hoe verder ik van mijn mentale leeftijd 22 (haha) afkom, hoe meer ik tevreden durf te zijn met wat ik heb, zonder steeds die onrust te voelen. Maar nog wel soms, hoor. Dat hoort er ook een beetje bij denk ik bij, het leven, dat het steeds maar een zoektocht blijft met heel veel (nog) onvervulde dromen.

Mijn blij-en-tevreden-lijstje op mijn 27e:

  • Ik heb een moestuin! (Gekregen van F. voor mijn verjaardag.) Het wordt nog een uitdaging om alle poezen en slakken te weren, maar ik vind het heel erg leuk en ik ben ook gemotiveerd er wat van te maken, zeker voor A., zodat hij later niet denkt dat wortels gesneden in een zakje uit de fabriek komen.
  • A. is bijna een half jaar en ik durf wel te zeggen dat ik intussen weer op mijn oude hardlooplevel zit. Hoera! Dat betekent: soms gaat 't goed, soms ben ik een slome slak. 't Kan verkeren en dat is prima zo, niet iedereen kan Annemerel zijn ;).
  • Ik heb een fantastische hangstoel besteld (van mijn verjaardagscentjes) voor in de tuin. Zodat ik straks op zomeravonden een beetje kan mediteren in de tuin. En naar A. kan kijken die dan op het gras speelt. (*eindeideaalbeeld*)
  • Ons huis is nog leuker geworden nu we de keuken gezelliger hebben gemaakt met de rekjes van Ikea die we nog van het oude huis hadden (waar je lepels aan kunt hangen). Zo leuk! 
  • Ik werk op een leuke school én ik heb een grote klus te pakken gekregen. Het is gewoon heel fijn en het maakt je heel tevreden als je je boodschappen kunt betalen met geld dat je met (meestal) plezier verdiend hebt. 
  • Ik woon in een land waar een groot deel van de kosten van kinderopvang vergoed worden. Zodat iedereen die dat wil kan werken. Ja, ik zeg het maar even, want hoewel er veel gezeurd wordt over kinderopvang in Nederland (en hoe geweldig het allemaal in Zweden is), is het in Nederland wél mogelijk om parttime te werken én kinderopvang (deels) vergoed te krijgen. Dat is toch geweldig?
  • Als ik wil kan ik zo met A. de natuur in. Zeker nu hij in de Tula past, is dat nog gemakkelijker geworden. Gewoon lekker naar de vogels luisteren, zo fijn.
  • Onze gatenplant groeit (weer) heel goed! Zo'n plant is heel erg retro, ik weet 't, maar ik vind de kleur groen zo mooi.

Misschien denken jullie nu: ben je nu echt zo'n huismus (geworden)? Eh, misschien, ja. Maar ik heb ook altijd nog grootse dromen. Zo heb ik altijd nog de droom expatvrouw te worden (... :') mijn beeld is dan uiteraard wel dat dat in een warm land plaats gaat vinden en ik een héle succesvolle blog neem en verder weinig doe en we een huis met een zwembad hebben en en en) (dit gaat overigens niet gebeuren aan gezien F. niet bepaald bij een multinational werkt, maar goed, wat niet is, kan nog komen), het lijkt me ook heel leuk om ooit, een keer, Nederlands te geven op een school aan de andere kant van de wereld, ik wil een boek schrijven, op vliegvakantie met A., een wat betere zzp'er worden, naar Sri Lanka en naar een toetjesdiner (google it!)

Maar voor nu ben ik wel tevreden met mijn gatenplant, kwijlende kind, 27 lentes en opkomende rucola.

Search form