Fonkelig.nl - Sigrid schrijft

23-3-2016

'Dit is de stemming hier,' schreef ik laatst aan F., bij een foto van A. die de longen uit zijn lijf brulde met biggelende tranen die in zijn oren bleven hangen. Zo erg was het (en zo erg ben ik, dat ik daar dan een foto van maak, maar aan sommige dingen kun je niets doen.)

Vandaag was ook zo'n dag. Tussen de middag heb ik tegen alle regels in (eerst een boterham met hartig! En dan met zoet!) twéé boterhammen met zoet gesmeerd, met vruchtenhagel en hagelslag. Ja mensen, living on the edge hoor (grapje). Maar goed. Omdat ik inmiddels wel weer blij ben (ik heb een Linda Meiden die nog ongelezen is, ik heb veel werk verzet vandaag, ik kan nog One man show van Ronald Snijders terugkijken en ik heb een lief kaartje gekregen) wil ik toch nog even een zeurlijstje maken.

  • Er was een baby en die baby was van 2:00 tot 4:00 wakker en aan het jodelen in bed.
  • Diezelfde baby vond het om 6.30 tijd om op te staan waardoor ondergetekende in iemand van 63 centimeter en 7 kilo haar meerdere vond en dus, inderdaad, rond de klok van 7 aangekleed in de kamer zat. 
  • Ik trok de gordijnen open en toen vielen er allemaal planten uit de vensterbank op de grond. 
  • Een schone onderbroek viel op de natte badkamervloer.
  • Ik wilde de dag goed beginnen (hehe) met een wandelingetje maar toen ik buiten was zei Druppel ineens dat het over tien minuten ging regenen, dus na tien minuten stond ik weer binnen, bezweet van het snelle wandelen en met A. die nog steeds niet sliep en nu boos in de kinderwagen lag. ('Al dat gedoe voor niets, helemaal in de reiswieg, met een deken over me heen, binnen aan het zweten, terwijl dat slome mens haar jas niet aantrekt...' #babyproblemen).
  • Tussen de middag scheen de zon. 'Goh,' dacht ik, 'ik ga lekker buiten in de tuin in de zon zitten.' Ik zette een stoeltje neer, deed mijn omslagdoek om, nam de babyfoon mee, trok schoenen aan en ging zitten. En toen ging de zon weg. KOUD, KOUD, KOUD!
  • Toen ik weer binnen zat ging de zon weer schijnen maar intussen was ik zo boos en wantrouwend dat ik dacht: 'Laat maar, ik doe net alsof je niet schijnt.' Maar ja. Toen zat ik dus binnen. Te balen.
  • Net toen ik dacht: 'Goh, A. heeft al een hele tijd niet meer over mijn kleren heen gekotst!'... De rest kun je wel raden.

Oké. Dat was 't. Een leuke woensdag met Sigrid. Morgen beter. Hoop ik dan hè. 

21-3-2016

Iedereen heeft wel van die dingen die hij of zij heel normaal vindt, maar de rest van de wereld niet. Of andersom. Ik heb er ook een paar.

  • Ik vind het heel fijn om voor de bank te zitten. Dus niet op de bank, maar gewoon op de grond voor de bank. Mensen vinden dat altijd een beetje gek en gaan dan zeggen: 'Je mag hier nog wel op de bank zitten, hoor,' maar ik vind het gewoon heel gezellig om op de grond te zitten, vooral als er een medegrondzitter is.
  • Ik heb een paar dingen die ik achter elkaar kan vreten en die gewoon gevaarlijk zijn om in de kast te leggen. Waaronder: bastognekoeken, truffelpepernoten, snoep (eigenlijk alleen dropfruitduo's en tikkels), oreo's, chocolatechipcookies, paprikachips. Ik zeg dan altijd tegen mezelf: 'Oké, nog eentje.' Een kwartiertje later kan ik dan echt zeggen: 'Oké, nog eentje.' En dat vind ik dan ook gewoon prima om te doen (lees: ik heb dus géén schuldgevoel).
  • Hoewel slaap schaars is geworden met baby, kies ik er soms toch voor om in het weekend als ik vroeg wakker word niet verder te gaan slapen, maar gewoon wat te lezen. Dat is namelijk ook iets waar ik minder aan toe ben gekomen (helaas). 
  • Heel veel mensen vinden het normaal om véél geluid te maken. Nu ben ik wel overgevoelig voor geluiden ('F., kun je stoppen met ademen? Het is Zo Hard!!!') maar er zijn bijvoorbeeld mensen (lees: bij ons in de straat) die het normaal vinden om 's nachts hard muziek te draaien. En dan te roepen: 'Nee, doe gewoon hardcore aan!' Ja, of doe het niet. Ik voel me al bezwaard als ik op een mooie zomerdag eens een zacht muziekje in huis aan heb en de deur staat open. Maar goed, dat hebben veel mensen dus niet. Die claxonneren gewoon rustig 's nachts of zetten een box buiten. Zo kan 't ook.
  • Zonder blikken of blozen zeggen: 'Ik heb niet zoveel met eten.' (Ik denk dat dit geen opheldering nodig heeft; hoe kun je dat nou normáál vinden?! Het is E-TEN!)
  • Ik eet pasta met een lepel en een vork. Dat geldt ook voor rijst, en couscous. Maar ik heb nu al zo vaak aan een tafel gezeten waar de lepel ontbrak en ik even een beetje van mijn apropos was. Iemand with me?
  • Mensen die me nu al zonder blikken of blozen vragen: 'En, wanneer plan je de volgende?' Ik wil de vraag: 'Zou je het nog eens over willen doen?' best beantwoorden, maar mijn nakomelingenplanning deel ik niet (en die heb ik trouwens ook niet. Er zijn van die dingen die je niet moet willen plannen, denk ik.)

Tot slot nog iets dat ik mezelf heb aangeleerd om normaal te vinden en wat écht werkt. En dat is: je hart laten spreken. Dat klinkt zweveriger dan ik bedoel, maar wat ik ermee bedoel is: gewoon zeggen wat je voelt. Hopelijk is dat niet te vaak wrok, of boosheid, of ergernis, maar wel bewondering of verwondering. Ik ben zo iemand die zich nooit comfortabel voelde bij het uitspreken van bepaalde woorden. 'Dank je wel, ik ben zo blij dat je dit voor me gedaan hebt,' vond ik al moeilijk. Laat staan 'Ik hou van je,' of 'Ik ben blij dat je er bent'. Maar sinds ik daar overheen ben, ben ik het normaal gaan vinden om mijn bewondering voor en geluk met vriendinnen en familie uit te spreken. Of ze te vragen waarom ze iets zo aangepakt hebben en dan écht te luisteren. 

Makkelijk is 't niet echt, maar het zou zo leuk zijn als meer mensen dit normaal zouden gaan vinden! (Nee, jullie hoeven niet allemaal op de grond voor de bank te gaan zitten, hoor.)

16-3-2016

Goed: ik ben best wel een zenuwpees. Maar godzijdank, er zijn nog ergere zenuwpezen. En sommigen daarvan kunnen zelfs schrijven! Scott Stossel schreef Mijn tijdperk van de angst (My age of anxiety) en ik verklap jullie alvast: ik vind 't een fantastisch boek.

De ondertitel van het boek is 'Angst, hoop en vrees en de zoektocht naar gemoedsrust'. Best positief dus en herkenbaar voor iedereen (denk ik), want wie is er nu niet op zoek naar gemoedsrust? Of in elk geval: meer gemoedsrust? Scott Stossel in elk geval wel. Deze Amerikaanse journalist lijdt aan allerlei angsten (van angst om over te geven tot angst voor kaas en spreken in het openbaar).

Dit boek is een zoektocht naar omgaan met angst, of beter nog: gemoedsrust. En natuurlijk ook naar de vraag wat angst eigenlijk is, omdat omgaan met angst voor een wetenschapper anders niet mogelijk is. Het boek gaat over de definitie van angst, over soorten angst, geneesmiddelen tegen angst en het ontstaan daarvan, de erfelijkheid van angst en de voordelen die angsten kunnen bieden (dit hoofdstuk is mijn lievelingshoofdstuk, want ik vind het altijd mooi als er aan iets dat als 'afwijkend' wordt gezien specifieke positieve eigenschappen gekoppeld kunnen worden).

Vertrouwd raken met de angst is een avontuur dat elk mens moet aangaan, wil hij niet naar de verdoemenis gaan door ofwel geen angst gekend te hebben of door eraan te bezwijken. Daarom heeft hij die op de juiste wijze heeft geleerd in angst te verkeren, het belangrijkste geleerd.

Angst is een heel natuurlijke emotie. Of een staat van zijn, misschien. Eentje die je beschermt en je stuurt als dat nodig is. Ik las laatst ergens dat de mens de enige diersoort is die zijn onderbuikgevoel (of instinct) negeert. Zo van: 'Een enge man, die vertrouw ik niet.' Een dier zou dan omdraaien en wegrennen; en mens loopt door, 'want het gevoel is nergens op gebaseerd'. De balans tussen luisteren naar je onderbuikgevoel en je laten leiden door een onderbuikgevoel dat geworteld is in angst, is heel subtiel. 

Wat ik gaaf vind aan het boek is dat het vol staat met bronnen. Pagina's en pagina's aan artikelen en boeken heeft Stossel gebruikt om tot dit boek te komen. Niet alleen over psychologie en psychiatrie, zoals je zou verwachten, maar ook over filosofie en geschiedenis. Daardoor staat het boek vol met interessante weetjes, naast dat het een persoonlijk verhaal is. Wist je bijvoorbeeld dat dichteres Emily Dickinson na haar veertigste haar huis niet meer verlaten heeft en bijna alleen maar in haar slaapkamer zat? En dat mensen die angstig zijn en een hoog IQ hebben zowel creatiever als betrouwbaarder zijn en heel doordacht te werk gaan?

Stossel gaat heel nauwgezet te werk en ontleedt zijn eigen angsten. Het ontstaan van verlatingsangst bijvoorbeeld. Zoiets kan heel subtiel zijn; daarom is het geen wonder dat veel angsten in families van generatie op generatie doorgegeven worden. Hoewel ik geen echte tandartsfobie heb, heeft mijn moeders geijsbeer in de keuken, als ze toen ik zeven was en mijn broertje vier met ons naar de tandarts moest, niet geholpen. 'Hij gaat alleen maar kijken,' zei ze dan, maar achteraf weet ik niet of ze het tegen mij zei of tegen zichzelf.

Lezen als je...
...geïnteresseerd bent in opvoeding, psychologie, psychiatrie, levenskunst, erfelijkheid.

Niet lezen als je...
...een angst hebt voor boeken over angst (ik zeg 't maar even), niet van non-fictie houdt, lange bronnenlijsten je afschrikken (hoi F.).

Wat vind ik? Geen boek om te lezen voordat je gaat slapen, maar wel af en toe een stukje op de bank. Het is ook geen zelfhulpboek; het is meer een boek dat leuk en interessant is als je jezelf een beetje kent en weet wat je angstige kanten zijn. ★★★★☆

16-3-2016

...je verdriet?

Er zijn maar weinig mensen die dat aan me durven vragen, maar het zijn er wel een paar. Het is 2016 en dat betekent dat mijn vader al bijna 7 jaar dood is. Ze-ven fucking jaar. Maar ja, over is het natuurlijk niet, het verdriet. Ik heb veel stukjes geschreven over verdriet, over doodgaan, over wat ze noemen: rouwen. Al die stukjes ga ik nog een keer bundelen en hier online zetten in de menubalk. Ik weet namelijk dat heel veel mensen er troost uit hebben kunnen halen en ik vind het geweldig als ik dat heb kunnen doen, alleen door eerlijk te zijn.

Met dit stukje wil ik beschrijven hoe het nu gaat, hoe het is om iemand zeven jaar te missen, wetende dat je dat nog heel erg lang moet blijven doen. Omdat doodgaan nu eenmaal geen wereldreis is, of een semester in het buitenland, geen emigratie of tijdelijke breuk. Het blijft, en dat is het meest kloterigste eraan. 

Ik heb meer ruimte gekregen voor mijn eigen leven, elk jaar meer. Dat betekende niet dat ik minder verdrietig was dat mijn vader dood is. En dood blijft. Ik was er alleen minder vaak per dag of per week mee bezig. In het begin huilde ik misschien elke dag, later werd dat een keer per week en een keer per maand. Ik denk elke dag aan hem, maar niet elke gedachte zorgt voor tranen. Soms huil ik er een tijdje heel vaak om, dan weer een hele tijd niet.

Zoals het leven is, grillig, is verdriet om iemand die er niet meer is dat ook.

Het kan soms ineens de kop opsteken en dan is dat soms een reden voor verdriet op zichzelf. De schok van: het is nog steeds zo. Maar ook het missen bij belangrijke momenten, terugdenken aan de nare dagen voor mijn vaders dood, de herinneringen en beelden uit die tijd, verdriet om de dingen die er waren en er niet hadden moeten zijn, maar ook verdriet om de dingen die er niet waren en er nooit zullen zijn. Het is soms verdriet om wat geweest is (herinneringen), soms verdriet om wat je afgenomen is voordat het er kon zijn.

Na A.'s geboorte heb ik in mijn hoofd een hele tijd geen ruimte gehad om na te denken over mijn vader. Over zijn dood, over dat hij er niet meer is, over dat ik hem mis. Ik dacht wel aan hem, maar ik had er in mijn hart en hoofd weinig ruimte voor. Nu mijn leven weer normaler wordt, steekt het weer de kop op. Bij een gedachte, bij een foto, een liedje op de radio. Dat kan soms zo'n klap in je gezicht zijn, zo van: o ja, dat verdriet, dat was er ook nog. 

Dat ik mijn vader mis. Dat ik het mis om een vader te hebben. Dat ik het mis om ouderS te hebben. Dat ik het gewoon rot vind dat hij A. nooit heeft kunnen zien. Dat ik het naar vind dat hij A. nooit zal kunnen zien. Dat ik nooit zal weten hoe mijn vader als opa zou zijn. Dat A. een heel deel 'mijn vader' is, maar hem nooit zal kennen. 

Heel lang heb ik gedacht dat de tijd sneller ging dan het helen van mijn beurse plek, maar ik heb me pas dit jaar gerealiseerd dat dat een gedachte was die bij mij leefde, die me misschien is opgelegd (of, waarschijnlijker: die ik mezelf heb opgelegd). Namelijk dat het op een gegeven moment over moet gaan of minder moet worden, het verdrietige gevoel. Maar dat is niet zo, het verdriet komt alleen in een ander perspectief te staan tot je eigen leven. Dat wordt groter, rijker, mooier en langer. Maar dat verdrietige blijft ook. Alleen wordt het relatief steeds kleiner, al kan het soms nog net zo hard aankomen. Toen iemand laatst aan me vroeg wanneer mijn vader was overleden en ik daar antwoord op gaf, zei ze: 'O, dat is nog helemaal niet zo lang geleden.' En dat troostte me toen zo. Dat het nog mag, dat ik nog verdrietig mag zijn.

Daar heb je dan blijkbaar een opmerking voor nodig van iemand die je nog maar net kent. Bijzonder.

14-3-2016

Maandag was het best even wennen zo na de vakantie. Een hele week kon ik onderhandelen met F. over luiers en nu stond ik er op mijn thuisdagen weer alleen voor. 's Ochtends werd ik wel wakker met een prachtig schilderij op het dakraam (van ijsbloemen/ijsveren). Mooi! Het was van dat knisperige, zonnige weer dus gingen we naar buiten. Eenmaal in de doek wilde A. er nooit meer uit, dus de rest van de middag heb ik zo achter de computer gezeten. 's Avonds gaf ik NT2-les en met zuurkoolschotel en GTST inhalen eindigde de dag. Ik vind 't zooo spannend weer! Al ben ik heel bang voor die enge Hein en zat hij laatst zelfs in mijn droom.

Op dinsdag had A. een babydate met een heel schattig meisje. Ik heb hem al aan meerdere babymeisjes uitgehuwelijkt, maar deze was wel héél mooi. Ik at Marokkaanse griesmeelcake met abrikozen (zo lekker!) en A. besloot dat hij vanaf nu een peuter was en best de hele dag wakker kon blijven. Ver-moei-end. Het was wel heel gezellig om af te spreken en ik vind het sowieso superleuk dat ik zoveel andere mama's heb leren kennen, allemaal vrouwen (ik wil altijd meisjes zeggen, maar goed, misschien moet ik daarmee stoppen) die ik nooit had leren kennen als we niet de overeenkomst 'wekrijgeneenbaby' of 'wehebbeneenbaby' hadden gehad. Lekker gekletst. Zoveel herkenbaarheid maar ook altijd zoveel verwondering over hoe anders anderen het aanpakken (maar dat is prima! Ik vind dat gewoon leuk om te horen en te zien.)

Woensdag stond in het teken van lessen voorbereiden, toetsen nakijken en A. vermaken, want die was weer heel erg wakker (IK HEB VOETEN! OMG, IK HEB VOETEN EN IK KAN ZE OMHOOG ZWAAIEN!). Ondertussen werkte ik een beetje en bestelde ik het boek Mijn eeuw van de angst (zie hiernaast). Ik vind het echt een mooi boek (recensie komt nog!) en wilde het daarom graag zelf hebben zodat ik er ook dingen in aan kan strepen. Heel herkenbaar als je zelf wat fobisch bent op bepaalde vlakken.

Op donderdag begon de dag gehaast: om 7.40 besloot iemand (ik was het niet) (nee, F. was het ook niet) om mijn legging, de bank en z'n eigen outfit onder te spugen. Top, als je om 7.45 ergens moet zijn. Uiteindelijk kwamen we allemaal op de plek van bestemming aan. Ik ging lesgeven, 's ochtends aan een bende onwillige pubers en 's middags NT2. Daarna haalde ik A. op in de kou (brrr). 

Vrijdagochtend fietste ik in de kou maar met fijne muziekjes op naar school. Ik vind dat zo fijn, om op de fiets naar je werk te kunnen! F. en A. hadden intussen mannenochtend :'). Na het lesgeven kwam ik weer thuis en vertrokken we naar Friesland, lekker familieïg doen: thee drinken bij F.'s oma en eten 'bij mij thuis' (bij mijn moeder natuurlijk). Op vrijdagmiddag wil ik eigenlijk nooit iets anders dan op de bank liggen dus ik moet dan een beetje in actie blijven voordat ik helemaal in slaap val.

De zaterdag begon heel sportief want ik ging hardlopen! Ik koos ervoor om een korte broek aan te doen en dat was maar goed ook, want ik zag dat alle professionele hardlopers (bij wie ik mezelf natuurlijk ook tel :')) dat ook hadden. Ik liep 7 kilometer in de zon, zo fijn. Onderweg zag ik heel veel knoppen aan de bomen en natuurlijk overal krokussen. Zo vrolijk! We zagen ook dat de buren in de tuin aan het werk waren en echt waar: zien werken doet werken. Na Albert Heijn en Zeeman (rompers kopen, altijd te weinig) gingen we dan ook even de tuin in. Ik ben helemaal geïnspireerd om een moestuin te beginnen voor als we straks kunnen starten met groente en fruit geven en daarvoor moet de tuin wel een beetje aangepakt worden.

Dit is 'm nu, maar ik wil naast de magnolia (die in het midden staat) twee moestuinbakken neerzetten. Eentje met een rek sowieso, zodat we er klimmers in kunnen zetten. Achter tegen de coniferen willen we kamperfoelie en clematis zetten. En in de bak voor (waar nu grind ligt) komt grond met wilde bloemen (siererwten enzo) en zonnebloemen tegen de schutting aan. Achterin de tuin nog een stuk gras en dan zijn we al weer heel tevreden met de tuin!

Zondag was weer een zonnige dag, wat fijn. Met A. gingen we naar de stad voor een high tea bij Toet (voor wie het niet weet: daar kun je toetjes eten. En taart). Echt lente... 's Avonds lekker bloemkoolstampot met chorizo (we zijn er nog niet zat van) en Tony Chocolonely. Goede dag. :)

12-3-2016

Vaak zeuren mensen zo over taal. Zo van: 'Ik hoor zo vaak mensen zeggen: 'Hun doen!' Nou, dat kan echt niet.' Nu ga ik geen heilige spelen en zeggen dat ik nooit zulke gedachten heb, maar ik vind het vooral altijd heel leuk hoe mensen met taal omgaan. Dat sommigen gewoon dingen consequent anders zeggen (en soms gewoon verkeerd) (nu heb ik het toch even gezegd). 

Zo was het een tijdje heel hip om te zeggen: 'Een saaie bedoeling daar.' Terwijl het natuurlijk bedoening is. Nu is dat weer een beetje uit (geloof ik). Ik had het ook met 'Dat heb ik nog nooit op'. En iedereen aan wie ik dat vertelde zei: 'Goh, dat heb ik nog nooit gehoord!' Maar gelukkig was daar mijn reddende engel (in de vorm van Paulien Cornelisse) die het ook had gehoord. Het schijnt een kwestie van onder en boven de rivieren te zijn. Waar ik nu eigenlijk wel benieuwd naar ben is of er ook 'Ik heb het op-pers' onder mijn lezers zijn! 

Maar goed, nu naar wat ik dus heb gehoord (of eigenlijk gelezen) en dat is het volgende: 'Ik ging op een terrasje zitten. Gewoon lekker van me afkijken.' Die had ik al eens eerder gelezen, maar nu las ik laatst voor het eerst: 'Lekker van me af ruiken in de parfumerie.' WAT?! Ik heb het echt een paar keer gelezen maar het stond er echt: 'Van me af ruiken.' Nou jaaa! Bij zulke uitdrukkingen kun je me echt opvegen, want ik vind het fantastisch dat mensen dit zeggen! Het bestaat namelijk gewoon niet, terwijl iedereen zich er een voorstelling bij kan maken.

Dat je, uitgeput van een middagje winkelen, op een terrasje gaat zitten. Je ziet allerlei mensen langskomen. En al die spanning van het passen in winkels, van putjes die er eerst niet zaten, van verkeerde maten, van te veel geld dat je hebt uitgegeven, van die schoenen die er niet in jouw maat waren, dat vedwijnt allemaal als sneeuw voor de zon als je ontspannen achteroverleunt en andere mensen bestudeert onder het genot van een glas muntthee. Gewoon, even die zware dag van je afkijken. En eenmaal afgekeken kun je weer helemaal fris op weg.

Geldt ook voor 'van je af ruiken'. Wat je toch allemaal niet ruikt als je door de binnenstad fietst: uitlaatgassen, vuilnis (ben ik de enige die altijd vast zit achter een rijdende vuilniswagen...?), wiet, puttenreinigers... Maar eenmaal in de parfumerie kun je dat allemaal eens even lekker van je afruiken. 

Zoiets stel ik me daar dan bij voor.
Maar ik heb het zelf nog niet durven bezigen, dat laat ik liever aan de afkijkers en -ruikers over.

2-3-2016

Al drie dagen staat er op mijn lijstje: stukje schrijven. En ik heb geen enkel excuus, want ik heb vakantie. VAKANTIE! The perks van het onderwijs, en van een wederhelft hebben die ook profiteert van deze vakanties, want dat betekent dat we de 'ik-hoor-wat-jij-ook'-sprintjes naar boven kunnen verdelen en we meer tijd overhouden om andere dingen te doen. De week voor de vakantie was best nog even druk: ik had een klus die ik af moest maken (het redigeren van een boek over pedagogisch werk, heel relevant voor mijn eigen leven ook op 't moment ;)), een nieuwe klas en o ja, ik had slaapgebrek. Omdat ik vrijdag alleen maar zei: 'Ik wil op de bank liggen en slapen,' zei F.: 'We stappen in de auto en we gaan naar Friesland.' Dus dat deden we en 's avonds kwam ik met kroketten, friet en een glaasje wijn weer een beetje tot leven. Voor het slapengaan keek ik Bed & Breakfast (het perfecte programma om slaperig van te worden).

En verder? Een beetje koffiegedronken met mensen. Uitgeslapen (een poging tot, althans). Soms verhinderd door iemand van 63 centimer lang, die deze week op een ochtend werkelijk alle dieren van de dierentuin geïmiteerd heeft. Zowel de bontgevlekte kwikstaart als het vierkantgeschubte gordeldier zijn langskomen :'). (Intussen heb ik me al meerdere keren moeten verdedigen over het feit 'slaapt hij nu nog steeds bij jullie op de kamer' - ja. En op de zeldzame momenten dat A. auditie wil doen voor een nog niet bestaand televisieprogramma na is dat gezellig, fijn en bovendien heel handig.)

In de tussentijd heb ik boeken gelezen (ja!): Francien laat je tieten nog eens zien, een nog-niet-verschenen-fantasyboek geschreven door een leerling (echt waar!) en De complete weduwnaar. Ook heb ik gister eindelijk de film Boyhood gekeken. Verder heb ik deze week twee keer hardgelopen (!!!) waarbij mijn snelheid weer normaal werd en ik dus tevreden was (ik moet van mezelf wel 10 kilometer in een uur kunnen lopen, anders vind ik het te dramatisch -_-). Ik heb 't nog niet zwart op wit gezet, maar oké, hierbij: ik ga me inschrijven voor de 21,1 in december (in december pas, dus adem rustig door) en daarvoor moet ik dus terzijnertijd (dit zeg ik ook steeds tegen mezelf) gaan trainen. Maar nu nog niet, nu eerst maar eens weer 10. 

Morgen gaat A. naar zijn opvangadresje om hem niet te laten ontwennen tijdens onze vakantie. En dat geeft ons tijd voor... Alles eigenlijk. Zo gek. We gaan maar lunchen in de stad en samen hardlopen, want dat hebben we al een tijd niet meer gedaan. 's Middags misschien nog een film zonder luier-en-voeder-pauzes en dan le petit weer ophalen. En dan beloof ik, lieve mensen, dat ik volgende week weer een heus weekoverzichtje heb. En andere stukjes, natuurlijk. Bijvoorbeeld over Gewoontes Van Andere Mensen. Daar heb ik namelijk weer eens een studie van gemaakt...

23-2-2016

Op maandag ging A. wennen bij de gastouder. F. bracht hem weg wegens traanangst bij mij :') en dat wegbrengen was al een mijl op zeven op zich: uiteraard lag hij nog te slapen op het moment van vertrek, moest hij toch aangekleed, zat hij te brullen in de maxicosi in de auto terwijl de navigatie vastliep en zat F. al om kwart voor acht te koken in de auto :'). (Uiteindelijk kwam alles goed, maakt u zich geen zorgen.) Ik kon hem 's middags weer ophalen en uiteraard leefde ik best naar dat moment toe, maar het was ook heerlijk om gewoon door te kunnen werken zonder steeds te denken: 'Hoor ik wat?' Hij was best moe en vond het wel tijd voor een beetje chillen op de mamachair. (Ik moet zo lachen om deze foto. Die beentjes.) 

Op dinsdag had ik een supersuccesvolle thuiswerkdag-met-baby! Hij sliep steeds als ik even door wilde werken. Ik ben bezig met het redigeren van methodes voor een uitgeverij. Heel leuk, want ik houd van zeuren over komma's en d's en t's en ik leer ook nog eens wat bij: op dit moment over pedagogisch werk (en dat is best relevant met een baby!) Uiteraard gingen we ook even naar buiten voor frisse lucht en daar was hetkoud, maar wel lente-achtig. Vrolijk hoor, al die bloesempjes en krokussen die kleur geven aan de buitenwereld!

Op woensdag bereidde ik mijn lessen voor de dagen erna voor en werkte ik verder aan het redactiewerk. Ik keek ook nog Vier handen op een buik terug van de avond ervoor, omdat ik dat zo fascinerend vind (al was deze aflevering heel erg treurig). Ik maakte ook nog een duistere foto met het kerktorentje van Zuidwolde erop.

De donderdag begon gestresst: behalve naar twee werkplekken moest A. ook naar zijn opvangplek toe. Een heel gedoe, voor 7:45, kan ik je zeggen. Uiteindelijk kwamen we allemaal op de plaats van bestemming aan, al had ik een kotsvlek op mijn legging en had A. een electische combinatie aan omdat de was een beetje achterliep. Ach ja, het zij zo. Ik gaf een les over Vondel, regelde wat dingen bij NS, ging naar de Pearle en maakte een klus af. 's Middags haalde ik A. op die vrolijk was (hopelijk om mij te zien. Vertel ik mezelf natuurlijk.)

Dan vrijdag: die was heel nuttig. Ik hoefde niet naar school omdat de leerlingen een toets hadden en in plaats daarvan heb ik met F. een gezamelijke rekening geopend en geluncht met wortel-gembersoep en wentelteefjes in een baby-vriendelijk café (Salmagundi's in Groningen, heel gezellig ook). Wat een leuke dag.

Op zaterdag zette ik me tot een hardlooprondje. Ik heb namelijk met mezelf afgesproken dat ik in december de halve marathon ga lopen. En daar moet wel voor getraind worden natuurlijk. Nu zit ik voorlopig pas op 5 kilometer (maar wel weer enigszins in mijn 'oude' tempo), maar ik vind het leuk om een groot doel te hebben en een halve marathon lopen is iets dat ik graag een keer gedaan wil hebben. En ook naast een fysieke een mentale uitdaging: ga ik de discipline vinden om 't vol te houden (en ervoor te trainen?)

Ik ben zo blij dat ik nu lekker 'buiten' kan lopen, gewoon tussen de weilanden... (En in de wind. Dat ook, helaas.)

Op zondag kregen we bezoek, waarbij de score voor A. een gaaf boek met geluidjes was. Eigenlijk is hij er nog te klein voor maar ik vind het zo leuk om het voor te lezen dat ik het gewoon alvast doe :'). Het bleef maar regenen en om het leed te verzachten keken F. en ik een film in bed toen A. een middagdutje deed. Het werd Soof, want die had ik nog steeds niet gezien. Ik vond 't een leuke film! (Al blijft Dan Karaty natuurlijk lichtelijk onuitstaanbaar.)

Deze week begin ik met online NT2-les geven (heel leuk!) en natuurlijk ook live. En het allerbeste: deze week is de laatste week voor de voorjaarsvakantie! Hoera!

18-2-2016

Och, och wat heb ik me verbaasd (en verkneukeld, alles) over de verschillende meningen die er heersen over baby's. En ouderschap. Echt waar: zodra we niet alleen als F. & S. maar ook als 'ouders' door het leven gingen vonden ineens heel veel mensen het nodig om iets te zeggen over Hoe Het Moet. Van 'Je moet geen Kruidvat-luiers kopen' naar 'Laat maar huilen' en van 'Als je wilt dat hij doorslaapt moet je...' naar 'Waarom doe je niet...?'

Nog steeds vind ik het soms gewoon interessant om topics te lezen over flessen, doorslapen, inbakeren, dekentjes, doorslapen, huilen, drinken, luiers, doorslapen (je merkt 't). Ik vind het ook gewoon boeiend om te zien welke keuzes anderen maken. Thuis bevallen. Kleertjes van ecologische wol. Dure kinderwagens of juist geen. Die dingen. En ook ik heb me al zo vaak moeten verdedigen! ('Waarom negeer je hem niet gewoon 's nachts?', 'Slaapt hij wel eens beneden?!', 'Naar buiten met hem in de draagdoek?!') Daarom vond ik deze tag wel een leuke. Ik zag 'm bij Olga.

Geef jij je kind borst- of flesvoeding?
De vraag der vragen! O, o, o, wat een gedoe ook met die voeding. Het is natuurlijk ook ongeveer het enige dat je kunt betekenen voor een minibaby (naast het bieden van een schone luier op z'n tijd en een warm mandje om in te slapen dan). Ik wilde van tevoren heel graag borstvoeding geven. Waarom? Omdat het beter is dan poedermelk, wat ook prima is. (En hiermee wil ik niemand die het niet kan of niet wil voor het hoofd stoten, maar het was voor mij een belangrijk argument.) Maar vooral omdat ik het gewoon gaaf vond om te kijken of mijn lichaam dat zou kunnen, na die 9 maanden een ander lichaampje blijven voederen. En ook omdat het me wel makkelijk leek: altijd bij je, altijd op temperatuur en geen flesjes uitkoken. En gratis bovendien! Maar vanzelf ging het niet. Een te kort tongriempje, misselijkheid, aanhapproblemen (het woord alleen al), te veel, te weinig, precies goed, regeldagen... Maar ik was heel gemotiveerd omdat ik het ook gewoon heel knus en natuurlijk vond. En ik werd ook gemotiveerd door de kraamverzorgster, die bij de eerste druppels begon mee te juichen ;). Wat ik trouwens wel heel opvallend vind is dat heel veel vrouwen mij vragen: 'En, voed je zelf?' Dat vind ik zo'n rare formulering. Als ik 's nachts, in de kou, beneden in de keuken een flesje poedermelk stond te maken onderwijl er een kind boven lag te brullen van de honger, deed ik het óók zelf. De waarheid is dat ik nu eensoortvan verder slaap terwijl A. zijn honger stilt. En ik mijn bed niet uithoef. Ook krijg je met borstvoeding complimentjes van anderen (?), wat ik soms zielig vind voor poedermelkmama's. Aan de andere kant is het natuurlijk ook goed dat borstvoeding positief benadert wordt door de omgeving en heb je een complimentje soms ook best nodig, omdat borstvoeding, hoe makkelijk het soms ook is, ook echt wel tegenslagen en moeilijkheden met zich meebrengt, in elk geval bij mij.

Slaapt je kind bij jou in bed of heeft hij een eigen bed?
Toen A. er net was vond ik het doodeng als ik met hem op mijn buik even indommelde, zo bang was ik dat hij eraf viel (ofzo). Die eerste nachten werden we allebei regelmatig totaal in de war wakker. 'Waar is hij?' vroegen we dan. In de wieg, natuurlijk. Want daar slaapt hij in. Bij ons op de kamer nog en hoe lang dat nog duurt weet ik nog niet. Ik vind het nu nog heel gezellig en handig bovendien midden in de nacht. Soms slapen we wel samen in bed, bijvoorbeeld op zondagochtend. Eerst deed ik ook nog wel eens een powernap 's middags met A., maar die tijd is voorbij: als ik dat nu probeer denkt hij dat ik een spel met hem doe en dat hij me moet slaan om te kijken of ik dan weer wakker word. (Ofzo.) Overdag slaapt A. trouwens in zijn grotejongensbed (ledikantje) op zijn eigen kamertje. In den beginne deed hij die dutjes nog vaak in de kinderwagenbak, maar nu hij wat alerter wordt op de omgeving vindt hij dan niet altijd meer zijn rust. 

Wasbare luiers of kant-en-klaar?
Kant-en-klaar. Wasbare luiers zijn een nobel streven hoor, maar ik heb mezelf overtuigd van het gemak van kant-en-klare wegwerpluiers. Ik vind het te veel gedoe, te veel wassen en bovendien is het maar een korte periode op een mensenleven dat je deze afvalberg produceert. A. neemt later maar een zuinige auto, dan maakt hij het goed. We gebruiken altijd Kruidvat-luiers, die van Pampers vond ik mwa (rare binnenkant), die van AH zijn echt heel slecht en die van Jumbo (een keer gezien) zijn heel erg dun? Kruidvat dus. Goedkoop ook!

Uitsluitend houten speelgoed of V-tech?
We hebben allebei! Zo'n lawaaiding moet kunnen hoor. A. heeft er een paar van maar ze hangen nog niet in de box. Daarin hangt nu een stoffen slang met beestjes eraan en een octopus met tentakels waar hij in kan knijpen. En hij heeft een houten babygym van Ikea. Eigenlijk zijn we dus best wel groene-hippie-ouders-achtig bezig tot nu toe... Maar hij heeft wel een felgekleurde Oball! 

Potje of vers?
Nah, doen we nog niet. Melk is goed voor elk op 't moment (of in elk geval voor A.). Maar we zijn van plan om niet te veel potjes te geven en vooral 'losse' smaken te laten proeven. Dus eerst courgette of wortel. En dan fruit en niet te veel door elkaar. Ik ben heel benieuwd, maar hij taalt er nog niet naar dus we wachten nog met bijvoederen. Misschien dat we wel een potje zullen geven als we zelf heel pittig eten bijvoorbeeld... Want met zo'n potje is echt niets mis! Ik geloof alleen dat het voor de smaakontwikkeling van deze toekomstige culikenner beter is om eerst pure smaken te leren kennen.

Dragen of wagen?
Allebei, maar vooral in het begin heb ik hem echt veel gedragen. Ik vond het ook veel gemakkelijker om hem in de doek te doen als ik zelf op pad ging. Maar nu hij groter is en wat meer om zich heen wil kijken, wrikt hij zich soms los en heeft hij er geen zin meer in. Maar nog steeds vind ik het heel gezellig en hij ook wel, want toen hij laatst moe was, viel hij nog gewoon in slaap in de draagdoek. Liefje. Ik heb een Little Frog-doek die goed bevalt en een net zo donkerblauwe kinderwagen, die tweedehands is, maar heel goed voldoet. Hij heeft namelijk een grote kinderwagenbak die lekker diep is (warm voor in de winter), drie wielen met dikke banden (handig voor in de natuur) en een fijne hoge duwstang

Vroeg zindelijk maken of langdurig luieren?
Nog geen idee over. Nee echt niet, zo lang het kleurverschil in de vloerbedekking nog herinnert aan een wilde poeppartij (sorry) is dit nog een ver-van-mijn-bed-show.

Drie slagen in de rondte bij de Primark of eerlijke kleding?
'Goedkoop' was wel een criterium voor babykleren (naast leuk, lief, schattig...). Ik heb best veel tweedehands gekregen en gekocht bij Zeeman, Hema en H&M. Echt eco ben ik hier dus niet mee. Wel vind ik de kleertjes van biologisch katoen van H&M heel erg fijn, lekker zacht.

Ruimte voor onderhandeling of drillsergeant?
Haha! Vooralsnog komt er natuurlijk weinig meer uit dan 'Haha', 'ui', 'ehhhh', 'oehhhh' en niet: 'Ik ben van plan nu hard op de ramen te gaan slaan.' A. wil wel eens onderhandelen in het weekend: dan laat hij om half 8 duidelijk weten dat hij het gehad heeft met de binnenkant van zijn wieg door ontstemde geluiden te gaan maken. Soms zeg ik dan een paar keer: 'Het is half 8!' waarna hij dat in overweging neemt maar er toch voor kiest om door te gaan. En dan zwicht ik, want na zoveel overtuigingskracht ben ik dan best bereid om 6,5 kilo schattigheid naast me te laten slapen. Oké dan.

Laat je je kind wel eens huilen of troost je 'm gelijk?
Pfff, het onderwerp: laten huilen. Dat doe ik dus niet. Nu huilt A. eigenlijk niet veel, maar als hij huilt, is het bijna altijd zo dat ik hoor dat het niet over zou gaan als ik hem alleen zou laten. Dan is het gewoon huilen van alleen zijn, huilen van honger of het gewoon even niet weten. Ik las laatst een artikel waarin stond dat baby's die huilen (jonge baby's dus) en die niet getroost worden zichzelf uiteindelijk 'uitschakelen' (oftewel: 'Hij gaat vanzelf slapen') omdat het anders te veel energie kost en er toch niemand komt. Dat vond ik zo intens treurig. Ik heb A. tot nu toe altijd getroost en het is echt niet zo dat hij expres huilt zodat we komen, haha. Wat wel zo is: na een tijdje hoor je of het gewoon een huilerige periode is en hij eigenlijk al half slaapt, of dat hij echt iets moet. 

Zo, en dan ga ik nu weer eens verder lezen over deze onderwerpen op het Viva Forum.

18-2-2016

Er was eens een meisje van 14 jaar. Ze had een leuke klas, een hecht vriendinnengroepje, een fiets die het deed en niet-gescheiden ouders. Kortom: ze was best wel gelukkig (al dacht ze zelf op dat moment, wegens 14-jarigheid, uiteraard van niet). Ik zeg 'best wel gelukkig', want er was één ding dat minder was, en dat was haar zicht. Ze zag niet zo goed. In de verte dan. Dat betekende dat lichtjes grote lichtgevende bollen werden en letters op het bord onleesbaar waren.

Er volgden jaren van brillen. En lenzen, natuurlijk. Een blauwe bril. Een paarse bril. Een bril met twee kleuren. Een koperkleurig montuur. En daar ging 't een beetje mis. Het meisje zwichtte voor het frisgroene logo van Specsavers en zocht in de inderdaad-best-hippe collectie een montuur uit, van Replay. Mooi, koperkleurig was 't. 'Warm,' zei de bebrilde verkoper. Eindelijk een bril die niet lag te verstoffen op een nachtkastje: het meisje zette de bril echt op.

Totdat er op een dag, een paar weken na aankoop, kleine stukjes koperkleur loslieten. Een spoor van koper liet ze na, op het planchet in de badkamer, op het nachtkastje en in de brillenkoker. 

'Ai,' zei de verkoper. 'Dat laat los. Je hebt nog garantie dus je mag een nieuw montuur uitzoeken, op één voorwaarde: de glazen moeten in dat montuur passen.'
Het meisje werd een beetje bang: er was op deze manier niet veel keus, en ze wilde toch echt niet eindigen met een felgeel montuur, of met iets met glitterende steentjes aan de zijkant. Uiteindelijk vond ze toch een mooie bril: ongeveer hetzelfde montuur, met schildpadmotief.

De nieuwe glazen werden erin gezet en het meisje ging de bril met veel plezier dragen. Misschien was deze bril nog wel mooier dan de vorige! Een geluk bij een ongeluk. 

Totdat er na een paar maanden een poot losliet. Zomaar. Ze prutste nog wat met plakband, maar face it: ze is Harry Potter niet. Dus ze ging terug naar de groene winkel. 
'Tja. De garantie is afgelopen,' zei de verkoper. 'Je krijgt namelijk maar één keer garantie. En als wij een slecht product leveren waarvan de koperen laag loslaat, dan leveren we daarna weer een slecht product waarop je al helemaal geen garantie hebt.' (Dat laatste zei hij allemaal niet. Maar dat bedoelde hij wel.)

'We kunnen er wel een noodpoot opzetten,' zei hij. 'Maar dat kan dan wel in een andere kleur zijn.'

(...)

Het modehart van het meisje brak een beetje. Ze zag zichzelf al lopen met een extravagante bril. Twee verschillende poten. Geen garantie. Want die was opgegaan, bij het leveren van het vorige slechte product. Gelukkig gebeurde niets van dit al: de verkoper belde op. 'We hebben geen poot,' zei hij, 'dus we hebben iets anders bedacht! Kom je bril maar halen!'

Het meisje ging opgetogen naar de winkel. 'Kijk,' glunderde de verkoper, 'we hebben hem gemaakt.'
'Hoe dan?' vroeg het meisje.
'Mijn collega heeft de poot vastgelijmd! Met superlijm! Goed hè? Nu kun je hem weer dragen! Het enige nadeel is dat je de bril nu niet meer in kan klappen.'
'Maar...' het gezicht van het meisje betrok, 'hoe moet ik mijn bril dan nu meenemen? Ik heb lenzen in! Ik wil mijn bril bij me hebben voor het geval dat! En voor 's avonds!'
'Tja,' zei de verkoper, 'dat wordt nu lastig.'

Het meisje verliet verbouwereerd de winkel. Thuis vertelde ze het hele verhaal. Van de poot tot de lijm. Van het brillendoosje dat nu geen functie meer had tot de verkoper. Van de lenzen en de garantie. 'Nou,' zei de prins thuis, 'dat slaat toch nergens op? We gaan terug.'
Dus ze gingen terug. 

'Nee, wij geven geen garantie meer,' zei de verkoper, 'het is zoals het is en de poot zit vastgelijmd. Maar goed, we denken wel na over een oplossing.'

De volgende dag ontving het meisje een telefoontje. 'We geven je 10% korting op een nieuw montuur!' schalde de stem van de verkoper in de telefoon.

Het meisje ging niet op het aanbod in. Een paar schamele euro's. Een vastgelijmde poot. Thuis zocht ze een doosje om de bril in te vervoeren, voor zolang dat moest duren. Haar lievelingsmontuur tot nu toe. Ze wilde 'm nog niet kwijt. En daar was een lege stofzuigerzakkendoos. Bruin met grijze foto's erop. Van stofzuigerzakken. En waar ze ook ging, of het nu school was, vakantie of de bioscoop, de stofzuigerzakkendoos ging mee. Met een bril erin. Een mooie bril. In een kartonnen stofzuigerzakkendoos. Omdat de poot vastgelijmd zit.

Met dank aan Specsavers.

Ik hoop dat dit sprookje binnenkort eindigt bij Pearle met een nieuw montuur, want van die doos wordt ik zo langzamerhand gek. :'). De zin: 'Ja, je zult wel denken: waarom heeft ze een stofzuigerzakkendoos bij zich?' maakt me zo ver-moeid! En bij elke keer dat ik 'm uitspreek denk ik aan die verkoper! 'Ja sorry, vastgelijmd, 10% korting.' Aargh.

Search form